Hoeveel zonnepanelen passen op een dak van 20m2?

Portret van Bas Hartman, Smart Home & Energie Adviseur
Bas Hartman
Smart Home & Energie Adviseur
Zonnepanelen & Thuisbatterijen · 2026-02-15 · 6 min leestijd

Stel je voor: je staat in de tuin, kijkt omhoog en denkt: “Hoeveel zonnestroom kan ik uit die 20 m² dakoppervlakte halen?” Geen zorgen, dit is makkelijker dan het lijkt.

Je hoeft geen expert te zijn om een goede inschatting te maken. In deze handleiding loop je stap voor stap door de berekening, van de maatvoering van een paneel tot de ruimte die je nodig hebt voor kabels en omstandigheden.

Je krijgt concrete getallen, tijdsindicaties en veelgemaakte fouten. Zo weet je precies wat er past en wat niet. Laten we beginnen.

Wat je nodig hebt voordat je begint

Voordat je gaat tellen, zorg je voor de juiste gegevens en materialen. Je hebt een dak van 20 m², maar je moet ook weten welke hellingshoek en orientatie je dak heeft.

Een schuin dak op het zuiden levert meer op dan een plat dak op het noorden. Verzamel een rolmaat, eventueel een laserafstandsmeter en een fotocamera. Download de datasheet van een gangbaar paneel, bijvoorbeeld de JA Solar JAM60S20 of de Canadian Solar HiHero.

Die zijn ongeveer 1,72 m bij 1,05 m. Reken ook met een kleine marge voor kabelgoten, omvormer en onderhoudspad.

Wat je verder nog kunt verzamelen: de specificaties van je omvormer (bijvoorbeeld een SolarEdge HD-Wave of een Huawei SUN2000), de afmetingen van een eventuele thuisbatterij (zoals de Enphase IQ Battery 5P of de Tesla Powerwall 3) en de ruimte die een laadpaal inneemt (zoals een Alfen Pro Line). Als je slimme thermostaat en energiebeheer-apparaat al aanwezig zijn, noteer dan hoeveel watt die verbruiken. Zo voorkom je dat je later ruimte moet reserveren voor extra apparatuur. Reken op een uurtje voorbereiding.

Die tijd betaalt zich dubbel terug, want je voorkomt een dure misrekening. Zorg dat je dak vrij is van schaduw door schoorstenen of dakkapellen.

Gebruik een schaduwanalyse-app of vraag je installateur om een simpele schaduwcheck. Dit is essentieel voor je opbrengst en voor de werking van optimizers of micro-omvormers.

Stap 1: bepaal de afmetingen van je dak en de werkruimte

  1. Meet de lengte en breedte van je dakpannen of dakplaten. Voor een schuin dak meet je de beschikbare lengte langs de dakpannen en de breedte over de nok tot de goot. Voor een plat dak houd je rekening met een veiligheidsmarge van minimaal 30 cm aan elke kant. Bij 20 m² kan dat al snel 1 à 2 panelen schelen.
  2. Reken de bruikbare oppervlakte. Haal de marge voor kabelgoten, omvormer en onderhoudspad er af. Voor een schuin dak kun je vaak 85% tot 90% gebruiken. Bij 20 m² betekent dit ongeveer 17 tot 18 m² daadwerkelijke paneelruimte.
  3. Teken een simpele schets. Zet de paneelmaat (1,72 m × 1,05 m) in de tekening en tel hoeveel er passen. Gebruik een rooster van 2 bij 2 panelen voor overzicht. Op een plat dak kun je vaak iets meer kwijt door een oost-west opstelling, maar hou dan rekening met extra ballast.
  4. Check de hellingshoek. Voor zonnepanelen is 30 tot 35 graden optimaal. Bij een plat dak kun je een schuine stand constructief realiseren, maar dat kost ruimte en ballast. Bij een schuin dak meet je de bestaande hoek met een hoekmeetapparaat of een app.

Tijdsindicatie: 15 tot 25 minuten. Fouten die je wilt voorkomen: vergeten dat de dakrand niet tot de rand mag zitten, meetfouten door schuine lijnen, en het niet meenemen van schaduwzones.

Stap 2: bereken hoeveel panelen er passen

  1. Neem een standaard paneelmaat: 1,72 m × 1,05 m (ongeveer 1,80 m² per paneel). Bij een schuin dak reken je met de beschikbare lengte en breedte. Bij 20 m² en 17 m² bruikbare ruimte, passen er maximaal 9 panelen (17 / 1,8 = 9,4).
  2. Tel de tussenruimtes mee. Tussen panelen zit vaak 2 à 3 cm speling voor montage en kabels. Bij 9 panelen reken je ongeveer 20 cm extra in de lengte en 10 cm in de breedte. Dit kan soms één paneel schelen.
  3. Controleer de dakrand. Bij een schuin dak mag het paneel niet over de dakrand heen steken. Houd minimaal 20 cm afstand. Bij een plat dak houd je 30 cm afstand voor ballast en veiligheid.
  4. Reken de totale capaciteit. Een paneel van 430 Wp (zoals de JA Solar JAM60S20) levert bij 9 panelen ongeveer 3.870 Wp. Bij een oost-west opstelling op een plat dak kun je soms 10 panelen kwijt, maar dan daalt de opbrengst per paneel licht.

Tijdsindicatie: 10 tot 15 minuten. Fouten die je wilt voorkomen: vergeten dat paneelmaten per merk verschillen, en het negeren van tussenruimtes. Let op: een paneel van 1,65 m × 1,00 m is smaller, maar levert minder vermogen.

Stap 3: kies de juiste opstelling en omvormer

Je opstelling bepaalt hoeveel ruimte je nodig hebt. Een schuin dak op het zuiden met twee of drie rijen panelen is ruimte-efficiënt, maar denk ook aan de mogelijkheden voor zonnepanelen op een dakkapel.

Een plat dak leent zich voor een oost-west opstelling, wat de opbrengst verspreidt over de dag.

Kies je voor micro-omvormers (bijvoorbeeld Enphase IQ8+) of optimizers (SolarEdge)? Dan ben je flexibeler met schaduw en kun je soms meer panelen kwijt. De omvormer moet passen bij je totale vermogen.

Bij 9 panelen van 430 Wp (3.870 Wp) volstaat een omvormer van 4 tot 5 kW. Een SolarEdge HD-Wave 5 kW of een Huawei SUN2000-4K is een veelgebruikte keuze. Bij een oost-west opstelling kies je een omvormer die twee strings aankan, of je gebruikt micro-omvormers. Plaats je zonnepanelen op een schuurdak? Denk dan ook aan je thuisbatterij en laadpaal.

Een Enphase IQ Battery 5P neemt ongeveer 0,5 m² wandruimte in beslag.

Een laadpaal zoals de Alfen Pro Line heeft een voetprint van 0,2 m². Zorg dat je deze apparaten meetelt in je ruimteplanning.

Je slimme thermostaat en energiebeheer-systeem (bijvoorbeeld Home Assistant met een Shelly EM) hebben weinig ruimte nodig, maar wel een plekje in de meterkast, zeker als je wilt salderen met een thuisbatterij. Tijdsindicatie: 15 tot 20 minuten. Fouten die je wilt voorkomen: een te kleine omvormer kiezen, of vergeten dat een oost-west opstelling meer kabels en montagekosten met zich meebrengt.

Stap 4: rekening houden met schaduw, veiligheid en vergunning

Schaduw is een stille dief van opbrengst. Een schoorsteen of dakkapel kan zorgen voor 10 tot 30% verlies.

Gebruik optimizers of micro-omvormers om schaduw op één paneel te isoleren. Check met een schaduwapp of vraag je installateur om een analyse.

Dit is vooral belangrijk bij een schuin dak met beperkte ruimte. Veiligheid is key. Bij een plat dak moet je ballast toevoegen om te voorkomen dat panelen omwaaien.

Reken op 20 kg per paneel, dus bij 9 panelen ongeveer 180 kg extra ballast. Bij een schuin dak zorg je voor stevige montagematerialen die goedgekeurd zijn voor je daktype.

Gebruik altijd een valbeveiliging als je zelf op het dak werkt. Vergunningen verschillen per gemeente. Voor een schuin dak met maximaal 10 panelen is vaak geen vergunning nodig, mits je dakconstructie het aankan. Bij een plat dak of een monumentaal pand kan een vergunning wel verplicht zijn.

Check dit bij je gemeente voordat je begint. Zo voorkom je dat je later panelen moet verwijderen.

Tijdsindicatie: 20 tot 30 minuten. Fouten die je wilt voorkomen: vergeten dat schaduw ook ’s winters speelt, en het niet checken van vergunningsplicht.

Stap 5: budget en tijdlijn

Een set van 9 panelen van 43

Portret van Bas Hartman, Smart Home & Energie Adviseur
Over Bas Hartman

Bas is smart home adviseur en duurzaamheidsexpert met 10 jaar ervaring. Hij heeft meer dan 40 smart home systemen en energiebeheeroplossingen getest voor Nederlandse huishoudens.

Volgende stap
Bekijk alle artikelen over Zonnepanelen & Thuisbatterijen
Ga naar overzicht →